Stappenplan en tips voor het planten van je boom.
Zo geef je hem de beste start
Een boom planten is eigenlijk heel eenvoudig. Toch zien we regelmatig bomen die het moeilijk krijgen omdat ze nét iets te diep werden geplant, te weinig water kregen of omdat de bodem niet goed werd voorbereid.
Een boom krijgt maar één kans op een goede start. Neem daarom rustig de tijd om de aanplant goed voor te bereiden. Die investering betaalt zich jarenlang terug.
Stap 1. Graaf een ruim plantgat
Een boom groeit niet alleen boven de grond, maar vooral eronder.
Graaf daarom een plantgat dat ongeveer twee tot drie keer breder is dan de wortelkluit. De diepte hoeft niet groter te zijn dan de hoogte van de kluit. Maak de bodem en de wanden van het plantgat goed los. Zo kunnen de jonge wortels gemakkelijk de omliggende grond ingroeien. Vooral op zware kleigrond is dit belangrijk.
Stap 2. Plant niet te diep
Dit is waarschijnlijk de meest gemaakte fout.
De wortelhals, de overgang tussen stam en wortels, hoort boven het maaiveld te blijven. Vaak zie je aan de stam nog een lichte verkleuring die aangeeft hoe diep de boom op de kwekerij stond.
Plant je een boom te diep, dan krijgen de wortels onvoldoende zuurstof en kan de boom na verloop van tijd verzwakken.
Plant je boom dus liever wat te hoog dan te laag.
Stap 3. Laat de kluit intact
Heeft je boom een jute doek of draadkorf rond de kluit? Laat die gewoon zitten! Ze beschermen de wortels tijdens transport en aanplant. De jute verteert vanzelf in de bodem en ook de draadkorf hoeft niet verwijderd te worden.
Stap 4. Vul het plantgat
Gebruik bij voorkeur de bestaande grond die uit het plantgat komt. Die kent de boom straks ook buiten zijn plantgat.
Is de bodem arm of zwaar? Dan kan een bodemverbeteraar helpen om de structuur te verbeteren. Meng die altijd met de bestaande grond, zodat de overgang voor de wortels geleidelijk blijft. Druk de grond nadien voorzichtig aan zodat er geen grote luchtgaten achterblijven.
Zijn steunpalen altijd nodig?
Niet altijd. Bij Boomschot kweken we onze bomen zonder steunpalen. Daardoor ontwikkelen ze van jongs af aan een stevigere stam en leren ze omgaan met wind. Een boom die altijd volledig ondersteund wordt, bouwt namelijk minder eigen stevigheid op.
Na het aanplanten kan ondersteuning wél verstandig zijn zodat de bomen goed kunnen inwortelen.
Water geven
Het eerste jaar na de aanplant draait alles om water.Bij het verplanten verliest een boom een deel van zijn fijne wortels. Daardoor kan hij tijdelijk minder water opnemen. Regelmatig controleren is daarom belangrijk.
De kluit moet vochtig blijven, maar mag nooit voortdurend nat staan.
Hoeveel water nodig is, hangt af van het weer, de bodem en de boomsoort. Daarom bestaat er geen vaste regel die voor elke boom geldt. De beste en makkelijkste manier om je boom van voldoende water te voorzien, is via druppelberegening. De druppeldarm kan bij aankoop mee voorzien worden, zodat je je hierover zeker geen zorgen hoeft te maken.
Geef de boom ruimte
Een boom groeit beter wanneer hij niet hoeft te concurreren met gras. Voorzie daarom een ruime boomspiegel rond de stam en houd die vrij van gras en onkruid. Zo krijgen de wortels meer water, zuurstof en voedingsstoffen.
Een laag organisch materiaal, zoals houtsnippers of boomschors, helpt bovendien om vocht vast te houden, de bodem te beschermen tegen uitdroging en het bodemleven te stimuleren.
Twijfel je?
Elke tuin en elke bodem is anders. Daarom geven we graag advies dat past bij jouw situatie. We denken graag met je mee zodat je boom de beste start krijgt.
